Tuimelrekje Rel
Het is weer eens die tijd van het jaar dat ik mezelf blij mag maken met een bezoek aan de tandarts.
Zoals gebruikelijk loop ik op het laatste moment naar binnen, maar krijg al snel te horen dat mijn afspraak 20 minuten later is vanwege een spoedgeval.
Om mijn zenuwen een beetje af te leiden blader ik in een Jan, Jans en de Kinderen, als er ineens met veel lawaai een vrouw binnenkomt met 3 kleine kinderen.
Aan de ene kant ben ik wel blij met het lawaai wat alle geluiden uit de behandelkamers op de achtergrond laat verdwijnen, aan de andere kant gaat het geschreeuw en gegil wel richting de overschrijding van de decibellen die mijn oren aan kunnen. Ik loer over de rand van mijn stripboek richting de vrouw en zie iets bekends maar kan haar niet meteen plaatsen. Ze probeert wanhopig het kleine spul rustig te houden en dit lukt wonderwel zodra ze snoep tevoorschijn tovert uit haar handtas, wat ik nogal een bijzondere combinatie vind in de wachtkamer van een tandarts.
Maar als de vrouw niet drie gelijke snoepvarianten kan presenteren barst het gegil uiteraard weer los. Ik had gezien de leeftijd al het vermoeden dat het niet om de moeder van de krijsende schatjes gaat en dat blijkt te kloppen omdat de kinderen steeds roepen ; “oma Klaasje, het is niet eerlijk”.
De vrouw wappert de kinderen inclusief snoepzakjes richting speelhoek en is inmiddels druk in gesprek met iemand die ze blijkbaar kent en uit de flarden die ik opvang, begrijp ik dat er iets bij haar getrokken gaat worden in verband met een kunstgebit. Dan komt de tandartsassistente uit een behandelkamer en roept de achternaam van de vrouw en door de combinatie van de voor- en achternaam weet ik ineens wie ze is en ben ik in één seconde terug op het speelplein van mijn kleuterschool, ruim 45 jaar geleden. Wij hadden op ons speelplein een zandbak, een klimrek en twee tuimelrekjes; een hoge en een lage. Het hoge rek was veel te hoog voor ons kleuters, ik vroeg me dan ook altijd af of de juffen daar soms stiekem zelf gebruik van maakten als wij naar huis waren.
Bij het lage tuimelrekje stond dan ook altijd een lange rij van wachtende kleuters. Ik was niet echt het ‘haantjedevoorste’ type en liet me regelmatig aan de kant duwen. Het was die dag druilerig weer en er lag een plas onder het tuimelrek waardoor er iets minder belangstelling was, en ik mijn kans schoon zag om eindelijk ook een keer aan de beurt te komen. Vanwege het slechte weer droeg ik mijn rode lakleren regenjasje, ik was zo trots op die jas. Er zaten stukjes zacht donkerblauw ribfluweel aan de mouwen en verder was het ding knalrood. Er hoorde ook nog een losse capuchon bij maar die wilde ik niet op want dan leek ik op een brandweerman en dat wil je als 5 jarige meisjeskleuter natuurlijk niet.
Ik stond dus te wachten in mijn rode lakjasje en was eindelijk aan de beurt, ik deed mijn best om niet met mijn voeten in de plas te komen en net toen ik aan mijn eerste ‘duikel’ wilde beginnen kwam Klaasje eraan rennen en duwde me bij het rekje weg. Zoveel onrecht kon ik niet aan en duwde haar vervolgens ook weg bij het rekje, ze draaide zich om bedacht zich geen seconde en zette haar scherpe melkgebit tandjes resoluut in mijn linker schouder. Ik schrok van de pijn en toen ik opzij keek, stond de afdruk van haar tanden in het lakleer van mijn favoriete jas, omdat ik naar links keek zag zij haar kans schoon en beet vervolgens in mijn rechter schouder, daardoor werd ik zo boos dat ik haar weer een fikse duw gaf en ze met haar billen in de diepe plas onder het duikelrekje terecht kwam. En Klaasje zette het op een gillen waar een ambulance nog jaloers op zou worden. Intussen was er een juf op het tumult afgekomen en zag natuurlijk alleen maar mijn duwactie en niet wat er allemaal aan vooraf was gegaan. Voor straf moesten we alle twee naar binnen en moest ik sorry zeggen tegen Klaasje, ik probeerde nog uit te leggen van de beten in mijn schouders en de afdruk in mijn rode lakjasje maar juf wilde er niets van horen. Heel erg boos heb ik toen maar sorry gemompeld en voor straf mochten we niet meer naar buiten. Na de kleuterschool gingen Klaasje en ik gelukkig naar een andere basisschool maar natuurlijk zag ik haar nog wel eens ergens lopen of fietsen en altijd voelde ik weer die boosheid boven komen borrelen die ik toen als klein kleutertje voelde. En nu zit ze dus hier bij de tandarts en moeten er kiezen en tanden getrokken worden. Wie weet in hoeveel schouders ze na mij nog gebeten heeft en tja dat is blijkbaar toch niet goed voor je gebit. Soms ben ik een beetje een slecht mens en voor het eerst in mijn leven zit ik bijna hardop te lachen in de wachtkamer van de tandarts en denk: “Boontje komt om zijn Loontje” oftewel “Klaasje is het Haasje”.